Fonteinenexcursie in Friesland


Voor de resultaten van het internationaal kunstproject voor Leeuwarden-Fryslân 2018, culturele hoofdstad van Europa, naar de provincie Friesland. Om diverse redenen hebben we, donateurs van de stichting ‘Kunst in Zicht Groningen’, op zondag 7 oktober 2018, acht van de elf fonteinen kunnen bekijken en bewonderen.
Omdat de route anders te groot zou worden konden we de fontein in Harlingen niet bekijken; de fontein in Dokkum is nog steeds niet klaar. De fontein in Leeuwarden hebben we nog net vanuit de rijdende bus voor het station zien staan. Een volgende keer dan maar!

Wat we dan wel goed hebben bekeken?
‘De Oortwolk’ in Franeker, ‘De Vleermuis’ in Bolsward, ‘De Woeste Leeuwen van Workum’ in Workum, ‘Flora & Fauna’ in Hindeloopen, ‘De Vis voor Stavoren’ in Stavoren, ‘Kievit’ in Sloten, ‘Onsterfelijke bloemen – Rikka’ in IJlst en ‘De Fontein van Fortuna’ in Sneek.

Het puntenlijstje van ons – mijn vrouw en ik – is geworden:
1. Bolsward; 2. IJlst; 3. Sneek; 4. Stavoren; 5. Sloten; 6. Hindeloopen; 7. Workum; 8. Franeker.

De fontein in Franeker zou zeker hoger in ons lijstje zijn geëindigd als de plek beter was (gekozen). Dat is heel jammer voor de ontwerper en van de toch wel mooie, bijzondere fontein.

Mannes en Dierendag

Vanmiddag is de grote, bruine hond officieel ‘losgelaten’ op het pleintje voor het station in Assen.

Er was behoorlijk veel belangstelling.
Misschien kwam dat ook door Dierendag, want er waren veel nieuwsgierige honden en hondjes.

De hond had al een naam: Mannes. Hij heeft zelfs een ‘peetvader’ gekregen.

Of ik nog een paar bijzonderheden over de hond weet?
Hij stoomt zodra hij kinderstemmen hoort en is van accoyahout gemaakt.
Een duurzame en ongevaarlijke hond dus.

Into Nature 2018


Het is een niet te missen route in het Drentse landschap. Deze keer heeft de kunstroute het thema ‘Out of Darkness’ gekregen. (Tegenwoordig schijnt Engels gebruikt te moeten worden. Ik ben benieuwd wat er na Brexit gaat gebeuren.)

De bijzondere kunstwerken zijn te zien t/m 16 september 2018 (van dinsdag t/m zondag tussen 11.00 en 17.00 uur). Er zijn twee startlocaties: Frederiksoord en Havelte (Holtingerveld). De twee fietsroutes zijn elk vijftien km lang. De twee wandelroutes: 2 en 4 km. De routes zijn duidelijk aangegeven met bordjes.

Bij Havelte zag ik (nog) een nostalgische plek, t.w. het heideveld tegenover de ingang van de Johannes Post-kazerne, waar mijn ex-vriendin, mijn echtgenote, en ik hebben liggen knuffelen. Dat heette toen gewoon vrijen.

De hele route is gemakkelijk in twee dagen te doen. Dan heb je tijd genoeg, maar je moet er wel mooi weer bij hebben.

Om je een indruk te geven een aantal foto’s:

[Voor meer informatie: http://www.intonature.net]

‘Foute’ kunst? (78)


Een aantal jaren geleden kwam ik er (toevallig) achter dat het kunstwerk was verdwenen. Ik was er vrijwel zeker van dat de gemeente D. – laat ik de naam afkorten, omdat het nog steeds beschamende gebeurtenissen zijn – weinig om kunst gaf en zich ook zou gaan afvragen: ‘Wat moet de gemeente met dat beeld?’
–  Het was de bedoeling dat het (gratis verkregen) beeldhouwwerk ‘Groot Paar’ van de (Italiaanse) beeldhouwer Mario Negri, aangekocht door de Culturele Raad van Overijssel in het kader van de Overijsselse beeldenroute, een mooie en opvallende plek in D. zou krijgen. Over smaak valt niet te twisten, maar de gemeenteraad kon – ook niet na lang vergaderen – NIET tot een besluit komen.
Het beeld werd (onopvallend) in de hal van het gemeentehuis geplaatst.
–  De pers kreeg er lucht van en ging zich ermee bemoeien. Ook de landelijke pers. Er werd zelfs gesproken van het ‘achterlijke dorp’.
–  Voor zover ik weet, is het kunstwerk uiteindelijk in bruikleen gegeven aan het museum ‘de Fundatie’ in Zwolle. Het beeld kwam eerst in een bijgebouw van ‘Het Nijenhuis’, een havezate gelegen tussen Wijhe en Heino, terecht en later in de beeldentuin.
–  Is er nog steeds sprake van een tussenoplossing? Of is intussen iets ‘geregeld’?
–  Binnenkort gaan mijn vrouw en ik weer eens kijken in de mooie beeldentuin bij het mooi gelegen kasteel ‘Het Nijenhuis’.

Voortzetters van een (grote) Nederlandse schilderstraditie


Op 22.02.2018 zijn mijn vrouw en ik naar Museum More geweest. Met de trein vanuit Assen, overgestapt in Zwolle naar Deventer en vlakbij het station daar met de bus naar Gorssel.
–  In Deventer moesten we ongeveer tien minuten op de bus wachten. De zon scheen en er was nauwelijks wind. Opeens hoorde mijn vrouw iemand haar roepen. Het was J-A, onze schoondochter. Later dachten we een aantal keren: Hoe bestaat het!
–  De bus stopte dichtbij het museum. We kwamen in eerste instantie voor de tentoonstelling “De Sirene Blik” met werken van Floris Verster, Jan Mankes (“De meest verstilde schilder.”), Dick Ket (“Net als Verster wist hij tot de ziel van zijn schilderonderwerp door te dringen.”) en Henk Helmantel (“Hij wordt door velen bewonderd, maar ook verguisd of gewoonweg genegeerd.”).
Er waren 120 stillevens, landschappen en portretten van de kunstenaars te zien.
Een schitterende tentoonstelling (nog t/m 13 mei 2018).
Ook de tentoonstelling “Dwars Kijken” hebben we bekeken. Alles was zeer de moeite waard.

–  Daarna zijn we weer met de bus naar Deventer (de Hanzestad, de Koekstad, de Boekenstad en het grote aanbod van bijzondere gebouwen en evenementen) gereisd.
Onlangs heb ik nog een stukje geplaatst over het oudste stenenhuis in Nederland. Omdat we toch in Deventer waren, dachten we: “We slaan een paar treinen over en gaan even de stad in.” Zodoende, en dus ook naar het oude, bijzondere huis, dichtbij de Grote- of Lebuinuskerk. Niet ver van het station.

Edouard Manet in Wuppertal


Het was een vrij lange rit in de bus, maar toch. Voordat je er erg in had, was je in Wuppertal en stopte de bus (dicht)bij het Von der Heydt-Museum. De reis naar het museum was echt de moeite waard. Het was redelijk druk, maar niet vervelend. De drukte lag hoogstwaarschijnlijk aan deze mooie tentoonstelling, en omdat het zondag (4feb2018) was.

De Manet-tentoonstelling was toegankelijk ingericht. Er mochten geen foto’s worden gemaakt. Dat was wel jammer. Bij een aantal werken hing ook werk van zijn tijdgenoten. Ook uit Nederlandse musea. Over Manet zijn weinig bijzonderheden bekend. Ze zijn er vast wel, maar misschien was hij een ‘binnenvetter’? Iemand, die zijn eigen gang ging? Of misschien iemand met ‘verdaipens’, zoals men in Groningen zou zeggen?

De volgende schilderijen vielen mij op:
De renbaan van Longchamp (uit 1867); Het scheepsdek (1860); het stilleven met blauwe bloemen in het midden (de naam van het schilderij en het jaartal ben ik vergeten); het (gevoelige) schilderij met het jongetje (1862); Chez le père Lathuille (1879), en een stilleven met tulpen en een roos (het jaar, waarin het is geschilderd, weet ik ook niet meer; privébezit stond er ook bij).

Na twee uur in het museum vonden wij dat we de Maret-tentoonstelling voldoende hadden bekeken en zijn we de stad ingegaan.