Een dagje ‘MORE’


Eerst naar Deventer om met het pontje naar de overkant van de IJssel te kunnen komen. Het pontje was stampvol met passagiers.
Aan de overkant kwamen we langs de oude zaagmolen en fietsten we verder langs de IJssel, naar het pontje bij Gorssel. (Ally was op dat pontje per ongeluk in een plas water gaan zitten. Kletsnat was haar zitvlak geworden, maar gelukkig waren haar broeken snel weer droog.)

Oude zaagmolen

De expositie van EUAN UGLOW en CHRISTIAAN KUITWAARD vonden wij mooi. Er hing ook werk van Noordelijke Realisten, nl. Matthijs Röling, Pieter Pander en Annemarie Busschers. ( www.museummore.nl )

De volgende ‘ramp’ overkwam ons bij de lunch. De drankjes werden vrij snel bezorgd, maar het brengen van het eten duurde en duurde. Minstens anderhalf uur hebben we moeten wachten. De reden? De bestelbon was aan een andere bon blijven plakken! ?

Vanuit Gorssel namen we eerst de verkeerde afslag naar het pontje.
Na het pontje, terug naar Deventer, kregen we nog wat oponthoud. Er liep een koe (pink) op de weg. Een paar mensen hielden het dier tegen dat toen zelf maar onder het draad door in het weiland rende!
Het pontje bij Deventer was zo vol met passanten dat wij met de fietsen niet mee konden. Dus even wachten de volgende pont!

Aan het eind van de fietstocht smaakte het ijsje ons prima!

Morgen gaan we naar de Deventer Boekenmarkt. De grootste van Europa, las ik, met bijna 900 boekenkramen, op plaatsen langs de IJsselkade en in de historische binnenstad. Ruim zes kilometer boekenmarkt. ( www.deventerboekenmarkt.nl )

Klein, maar fijn


Met het fietspontje – net boven Nunspeet – kwamen we naar de overkant van het Veluwemeer. De oversteek duurde een kwartier!
Het pontje mocht maximaal twaalf personen vervoeren en had de enorme snelheid van 3 km/u.

We fietsten verder langs de noordkant van het Veluwemeer. Onderweg kwamen we nauwelijks fietsers tegen. We zagen een visarend bovenin een boom, even later weg vliegen en daarna zwevend op zijn enorme vleugels.

In Elburg lieten wij ons de koffie lekker smaken. Ook het eten. Met de eigenares spraken we over zomerdrukte en Lucca. Er was na het eten een korte, hevige bui. Toen het droog werd, zijn we weer op de fiets gestapt.

We reden nu langs de zuidkant van het Veluwemeer. Onderweg kwamen we bij een boerderij op een heuveltje. Er was daar een stalletje met streekproducten en een ‘zitje’.

Daarna passeerden we een aantal ganzen met jongen, rode en zwarte Lakenvelders en de molen ‘de Duif’, waar Ally een dag eerder volkorenmeel had gekocht.