Ben Snijders, de kunstschilder, was ook een dienstplichtig militair


Tijdens het ‘ontspullen’, i.v.m. de aanstaande verhuizing, hoorde ik mijn vrouw dat zeggen. Zij had zijn verhaal op Facebook gelezen. Ik heb toen naar foto’s uit mijn diensttijd gezocht, waarna allerlei herinneringen naar boven kwamen.

Mijn dienstplichtperiode begon in augustus 1963 in de lange treinreis van D. naar Bergen op Zoom en in de bus naar de legerplaats in Ossendrecht. Vanuit gebouw H van de 45e Afd. Lua op het kazerneterrein begon de opleiding ‘chauffeur-schrijver’. Een rare combinatie? In die tijd (jammer genoeg) niet. 😎
Na twee maanden moest ik voor een vervolgopleiding naar de kazerne in Bergen op Zoom. Voor de opleiding tot administrateur, in Middelburg, hoefde ik gelukkig niet. Mijn eigen schuld, maar ik vond dat ik veel te ver moest reizen.
Bergen op Zoom vond ik ver genoeg. In de Wilhelmina Kazerne behaalde ik in november 1963 het rijbewijs voor het WEB-voertuig (of DAF); in elk geval een 1-tonner met hoge en lage giering.
De lessen begonnen met ritjes o.l.v. de instructeur en met drie andere ‘collega’s. We reden door allerlei Brabantse plaatsen en plaatsjes, over zand- en modderige weggetjes met diepe kuilen, over zandheuvels, hellingen, enz.


Van Bergen op Zoom moest ik naar de kazerne in Steenwijkerwold (bij Havelte). Dichterbij huis gelukkig. Als het van thuis mocht, dan was de afstand gemakkelijk met de brommer te doen.
Na ‘geïnstalleerd’ te zijn op een kamer in gebouw G moest ik mij de volgende dag melden in het kantoor (S1) en mij voorstellen aan de kazerneleiding: een overste, een majoor (plaatsvervanger), een kapitein en een opperwachtmeester. De twee laatsten hadden de leiding over het kantoorpersoneel in het gebouw.
Soms mocht ik in de WEB naar andere kazernes rijden om spullen weg te brengen, en/of op te halen. Soms ging ik (stiekem) even langs ‘thuis’ om mijn ouders te zien en te spreken .
De 45e Afd. Lua moest naar een oude kazerne in Ede verhuizen. Maar waarom?
De tijd ging gelukkig snel genoeg. Af en toe gebeurde er wel iets geks. Ook met mijzelf, maar daar wil ik het nu niet over hebben.

Toch heb ik geen nare herinneringen aan deze periode overgehouden.
Het mooiste moment in die tijd was wel dat ik hèt meisje heb leren kennen, het meisje waarmee ik ook ben getrouwd, en waarmee ik binnenkort (voor de zesde keer!) hoop te verhuizen.

Deze bijdrage is bedoeld voor: in barre tijden


(De vaakst (of is het ‘meest’) gelezen berichten van Blogger. Als je erop klikt, dan verschijnt het bericht.) Op:

  1. Het palet van kunstschilder Anders Zorn | MARTIEN
  2. De spotprent is van Ben van Voorn | MARTIEN
  3. Heeft ‘onze’ museumdirecteur (stiekem) een nieuwe baan gekregen? | MARTIEN
  4. De ooievaars krijgen het nog druk | MARTIEN
  5. De Bieb is ook al dicht! | MARTIEN
  6. Op een mooie dag naar Paleis Soestdijk | MARTIEN
  7. Sean Scully, straatvechter en kunstenaar | MARTIEN

Toch (nog) bezoek gehad met de paasdagen!


Sommige spechtensoorten zijn moeilijk uit elkaar te houden. Misschien kwam dat door specht van gisteren?

Toch moet ik mij ‘raar’ vergissen als de vogel geen grote bonte specht is.
Misschien is het ook zo dat ze elkaar ‘seinen’ dat er wat te ‘smikkelen’ is. In dit geval dus in de tuin van Blogger.

Deze specht heeft in elk geval (ook) het bijna lege potje pindakaas ontdekt. Omdat het potje vrijwel leeg ‘gesnoept’ was – o.m. door mezen, spreeuwen, eksters, en zelfs een paar kraaien – heb ik toch maar het potje in het vogelhuisje gelegd. Misschien Hollandse zuinigheid? Hoe het ook zij, we hebben met de paasdagen bezoek gehad.

Door de lange tong kan deze (schuwe) vogel gemakkelijk op de bodem komen voor de laatste restjes. 🙂

Weer bezoek van de kleine of grote bonte specht, maar ook een ander (zeldzaam) berichtje


Vanmiddag was weer een specht op bezoek. Vlug een foto gemaakt, maar de vogel was snel ‘gevlogen’. Te waaks waarschijnlijk.

In de krant zag ik twee ruziënde ooievaars: een zwarte in gevecht met een gewone ooievaar.

De zwarte ooievaar is sowieso al bijzondere verschijning. Het dier schijnt vooral voor te komen ten oosten van de Elbe en is dus nog een eind ‘van huis’.

Een ooievaarskenner zei dat de vogel misschien de weg is kwijtgeraakt. Het bijzondere dier kreeg in Schoonebeek ruzie met een ooievaarspaar om een leeg ooievaarsnest.

ruzie om een leeg nest

Op de grens met Polen en Slowakije zagen mijn vrouw en ik een zwarte ooievaar. We zaten in een houten bootje op een snelstromend riviertje toen we het dier plotseling zagen staan. In het water.

de zwarte ooievaar