Dat heb ik jaren gedaan. Mijn broer ook. We kregen ieder een route. Ik ging op de fiets, maar mijn broer niet altijd. Hij nam liever stiekem de brommer. Dat hebben wij samen ook een keer gedaan, maar dat is toen slecht afgelopen.
– Het geld dat mijn ouders anders voor postzegels moesten betalen, kregen mijn broer en ik. We spaarden voor een reis naar en een rondreis in Engeland.
– De rekeningen werden door mijn ouders geschreven voor die klanten, die nog ‘iets’ moesten betalen. Dat ‘iets’ hadden ze al wel, maar de kosten van de aanschaf moesten worden ‘opgeschreven’. Dat was toen heel normaal. Zeg maar ‘andere tijden’.
– De ’verdiensten’ waren goed, vond ik. Het geld ging direct naar de bank in het dorp; voor op het spaarbankboekje.
– Er was nog een ander voordeel bij het rondbrengen van rekeningen. Naderhand wist ik precies waar iedereen woonde, want ik kwam op plekken in de buurt waar ik anders niet snel was gekomen.
– Zo zag ik ook allerlei ‘bijzonderheden’ in de buurtschap, d.w.z. welke boerderij wel of niet een kettinghond had, welke boerin een aardappelzak als schort droeg, waar de jongen van mijn leeftijd woonde die de hele dag – zo leek het mij toe – bij de sloot zat te wiegen en het spuugbelletje probeerde vast te maken aan een grassprietje om het op-en-neer te laten bewegen, bij welke boerderij nog geen wateraansluiting was, enz.
Maandelijks archief: maart 2018
Nieuwjaarspakket (73)
Mijn broer en ik mochten in de kerstvakantie komen werken in de machinefabriek in het dorp. Mijn ouders hadden het geregeld met hun kennis, de directeur van de fabriek. Het verdiende geld zouden we sparen voor een reis in de zomervakantie: liftend naar en in Engeland.
– We gingen vroeg op de fiets naar de fabriek, samen met de buurman die er al jaren werkte. Een prima kerel en hij was oersterk. Om dat laatste werd hij regelmatig gevraagd – ook door mijn vader – om te komen helpen bij het tillen van iets zwaars.
– Aangekomen in de fabriek werd eerst uitgelegd wat we moesten gaan doen. Het leek simpel: honderden platte stukjes ijzer bijvijlen.
– Mijn broer had aan het einde van de dag veel meer stukjes ijzer gevijld. Voor het moment dat we naar huis zouden gaan, kwam de directeur even kijken en vragen hoe het was gegaan. Hij zag het verschil in ‘voorraad’ en zei dat ik te secuur bezig was geweest met vijlen. ‘Mijn stukjes ijzer’ waren te glad. Ik moest ze vijlen zoals mijn broer het had gedaan.
– Dat is mij toch niet gelukt! Ik bleef te secuur en werd de ‘fijntechneut’ genoemd. Om half vijf op de laatste middag van de werkweek moest iedereen naar de kantine gaan. Mijn broer en ik ook. De directeur hield er een korte toespraak en bedankte, tot slot, iedereen voor de inzet in het afgelopen jaar. Daarna kreeg iedereen een nieuwjaarspakket mee.
– Mijn broer en ik kregen, behalve het loonzakje, ieder óók een pakket mee naar huis!
“… EEN DER BRAAFSTE VROUWEN …”
Allemaal lastige vragen
1. “Het Turkse leger verovert Afrin.” Kan dat zomaar? Erdogan noemt de leden van YPG terroristen. Is dat juist?
- Is de ruzie tussen Engeland en Rusland een “dekmantel” voor iets anders?
- Waarom is Slowakije een EU-land? En Polen? En Hongarije?
- Ligt de oorsprong van de Maffia in het RK-geloof?
- Waarom zou je Facebook nog gebruiken?
- Waarom bestaat bv. het fenomeen “lijstduwer”?
- Waarom verdedigt Eurocommissaris Timmermans (PvdA) de benoeming van zijn nieuwe voorzitter?
Rijdende melkmachines (nummer 72)
Meestal was ik op zaterdagen en in sommige schoolvakanties bezig bij mijn ouders in hun zaak om geld te verdienen. Dat geld spaarde ik voor een vakantiereis naar Engeland. Ik moest van alles doen. In de winkel en bij de benzinepomp helpen, harken, ijzer sorteren, boodschappen doen, gasflessen wegbrengen, enz.
– In het voorjaar van een bepaald jaar deed ik bijna niets anders dan zaagwerk in de werkplaats. Gelukkig hoefde ik niet met de hand te zagen, maar was er een zaagmachine, die mijn vader had gekocht van een bevriend iemand, de directeur van de machinefabriek in het dorp.
– De maten van het type, ijzeren buis en het ander ijzerwerk had mijn vader ergens in een schrift genoteerd. Van het gezaagde lastte hij een rijdende melkmachine in elkaar, die buiten in de wei kon worden gebruikt. Bij een sloopbedrijf kocht hij autowielen, of ijzeren wielen van een grasmaaimachine, als deze er waren. Hij liet een afsluitbare, houten kastje maken door een timmerbedrijf in de buurt, waarin de melkmachine werd bevestigd. Tot slot moest vrijwel alles groen worden geverfd. Dat was wel veel werk, maar het eindresultaat was prachtig om te zien.
– De rijdende melkmachines, die klaar waren, werden in een mum van tijd verkocht. Het leek wel of elke boer een rijdende machine moest hebben!

