In Zwolle was ik samen met mijn vrouw op 26/06/18 in het Museum de Fundatie en later in de Grote Kerk.
– Van het werk van Fritz Klemm wordt gezegd dat zijn kunst uniek is door zijn speciale, selectieve manier van waarnemen en zijn zoektocht naar het ideale evenwicht. Dat mag zo zijn, maar toch vond ik er niet veel aan. Zijn werk zal best wel knap zijn, maar het is gewoon niet mijn smaak.
– De schilderijen van Jasper Krabbé vond ik al een stuk beter om naar te kijken. Zijn werk beantwoordde mijn figuratieve smaak. De gebruikte kleuren ook. Maar hooguit tien van zijn (verschillende) Japanse schilderijen was genoeg geweest. 
– Ook de ‘koude’ sculpturen van roestvrij staal van Ronald A. Westerhuis spraken mij nauwelijks aan. Wel vond ik zijn schaalmodellen prachtig. Met zijn zienswijze ‘Het beeld zelf wordt niet beter als het groter wordt, de impact van het beeld wel’’ ben ik het dus niet eens. Voor de ingang van het museum was de kolossale sculptuur Stepping Stones te zien. Ik vond het veel te groot voor die plek.
– Smaken verschillen. Gelukkig maar. Het mag nog steeds.
– De Grote- of Sint Michaëlskerk is één van de bekendste bouwwerken van Zwolle. Het beroemde Schnitger-orgel, de prachtige preekstoel en het koorhek zijn de moeite waard om van dichtbij te bezichtigen. De Grote Kerk kent een lange geschiedenis en staat op de lijst van Rijksmonumenten.
– Terug naar de trein, maar nog even langs het Zwolse Balletjeshuis met het groot assortiment traditioneel oud Hollands snoepgoed. Het ging ons om een paar soorten heerlijke steken om mee te nemen naar huis.