Onderdrukt/behandeld worden als derderangsburgers


Op 13 december jl. heb ik al over het onderwerp “Onderdrukt/behandeld worden als derderangsburgers” geschreven, maar ik kon het niet laten om er nog even op terug te komen. Want ik moest denken aan wat er in WO II gebeurde: sommige vertegenwoordigers van kerken, enz., hielden zich niet stil en uitten zich publiekelijk als er misstanden waren/ gebeurden. Het liep meestal (vaak?) slecht af met die personen. Tijdens een bezoek aan het concentratiekamp Dachau viel mij dat op.

In “mijn krant” las ik dat een predikant bij de Protestantse Kerk Nederland (PKN) het lef had/ heeft om het ingewikkelde conflict tussen Israël en de Palestijnen publiekelijk aan te kaarten.

Ik heb veel eerbied/respect gekregen voor haar woorden las:

“Ik krijg langzamerhand het gevoel dat ik de situatie geen recht doe als ik het woord genocide niet gebruik. Als ik tijdens een kerkdienst bid voor mensen in GAZA, of voor het Israëlische volk, breng je de wereld voor het aangezicht van God. Dat wil ik zo oprecht en eerlijk mogelijk doen. Zonder het woord genocide ging dat niet langer.”

Ook voor haar, deze predikant, was het Amnesty-rapport (“Niet in MIJN Naam”) het omslagpunt over onderwerpen als: “het ontnemen van burgerrechten, het begaan van gruwelheden en het bezigen van dehumaniserende taal”.