Eerst was het gewoon, later ongewoon


Tijden veranderen. Echt waar!

Zolang ik mijn vader gekend heb rookte hij pijp. ‘Coopvaert’ was zijn ‘handelsmerk’. De tabak stopte hij zorgvuldig in zijn (Engelse) pijp, een aluminium pijp met verwisselbare kop, met zijn wijsvinger.

Zo gewoon was het roken in die tijd dat hij zelfs onder zijn werk rookte.

Roken werd in die tijd heel gewoon gevonden. Ook in mijn tijd.

Mijn moeder rookte af en toe een sigaret. Zij rookte dan één Egyptische sigaret. ‘Voor de gezelligheid‘, zei zij.

Wel rookte zij heel charmant. Hoe zij aan die Egyptische ‘stinkstokken’ kwam, weet ik niet precies. Ze zaten in een roodbruin gekleurd blikken doosje. Dat weet ik nog. Ik vermoed dat mijn oom haar zo’n doosje soms als presentje gaf.

Ik vond het helemaal niets. Dat roken van haar bedoel ik. Behalve dan misschien om te zien hoe zij rookte, maar toch zag dat er ook weer niet stoer uit. Wel was het charmant.

Maar toch! ik bleef het een vreemd gezicht vinden dat roken van haar.

De rook van de sigaret rook ook niet lekker.
Zeg maar gerust ‘vies’.

Het goede voorbeeld geven (kv 105)


Het leek mij leuk om de cursus jeugdvoetballeiding te gaan volgen. Dat was het gevolg na het verzoek van de plaatselijke voetbalvereniging om jeugdleider bij die club te willen worden.

De cursus verliep goed. Het examen ook. Maar er kwam nog een bijzonderheid bij. Tijdens de cursus leerde ik ook bierdrinken! Zelfs in militaire dienst heb ik dat niet geleerd, omdat ik er niks aan vond. In het begin smaakte het bier gewoon vies, weet ik nog. Het begon steeds lekkerder te smaken. Het leek veel op de manier toen ik met het roken van sigaretten begon. Met het roken ben ik na die cursus gestopt; niet met het bierdrinken. Sommige biertjes vind ik ontzettend lekker.

Toch is het best wel raar. Je gaat bij de jeugdvoetbal, je drinkt bier en je rookt. Heet dat niet ‘de kat op het spek binden’?

Na negen jaar ben ik met het begeleiden van jeugdige voetballers gestopt. Het drinken van bier doe ik dus nog steeds, maar wel met mate! ?

Roken, een biertje drinken


Dat werd heel gewoon gevonden.
Mijn vader rookte destijds ‘Coopvaert’, pijptabak. Pijp dus. Mijn moeder rookte af en toe een (Egyptische) sigaret. Een vreemde geur was er dan in de huiskamer.
Pa nam in de zomer af en toe een biertje. Meestal was het die dag tamelijk warm. Ma dronk soms een glas witte wijn bij een verjaardagsvisite.
In mijn militaire dienstplichtperiode ben ik met het roken van shag begonnen. Waarom weet ik nog steeds niet. Om niet op te vallen?
Toen ik 28 jaar was dronk ik mijn eerste biertje. Ik volgde de voetbalcursus ‘Jeugdleiding’. Iedereen die aan de cursus meedeed, dronk naast een kop koffie ook een ’tapbiertje‘.
Ik weet nog dat de eerste biertjes ‘vies’ smaakten. Toch ben ik ermee doorgegaan. Nog steeds vraag ik mij af: ‘Hoe raar kun je doen? Wil je ‘jeugdleider’ bij de voetbal worden, ga je ook nog bier drinken!’
Er waren bekenden die jong met het roken waren begonnen. Zo jong, dat je regelmatig hoorde of zij ‘de broekspijpen wel goed hadden dichtgeknoopt’.
Ergens in 1975 ben ik definitief met roken gestopt. Dus geen sigaretten, sigaren of pijp meer.
Dat kwam door een weddenschap met een aantal collega’s. Wij spraken af dat, zodra iemand met roken werd betrapt, hij of zij op een etentje met een drankje moest trakteren. De partners moesten ook mee. Alles opgeteld zou de afspraak behoorlijk wat gaan kosten! De weddenschap werd op papier gezet en alle deelnemers moesten ondertekenen.
Het ging lang goed, maar toch viel een deelnemer door de mand. Tussen de middag ging hij opeens naar de visvijver. Om er zijn boterhammetjes op te eten, zei hij. Dat werd verdacht gevonden. Iemand volgde hem stiekem om te zien wat hij werkelijk deed. Hij werd daar betrapt met het roken van een sigaret. De man zei later dat hij de afspraak niet langer had kunnen volhouden en dat hij daarom elke werkdag tussen de middag naar de visvijver was gegaan om een paar sigaretten te roken.
Zonder te mopperen heeft hij getrakteerd. Met ons allen, inclusief de partners, zijn we naar Groningen (Stad) gegaan en hebben we heerlijk gegeten en gedronken in een Chinees restaurant.
Of de andere deelnemers het niet-roken hebben volgehouden? Weet ik niet.
Of toch wel. 🙂