Maandelijks archief: mei 2018
Een beekjuffer in de vijver
“Slordige” bomen
Op de morgen van 2de Pinksterdag hebben we weer een eindje gereden. Op de fiets welteverstaan. Het was prachtig weer.
– Deze keer reden we een stukje door de omgeving van de hoofdstad van Drenthe en een eindje door de mooie stad, omdat we het nieuwe station wilden gaan zien; ook om een kop koffie te gaan drinken.
– Toen we door het bijzonder mooie natuurgebied ten oosten van de stad reden, zagen we een aantal dode bomen – een kennis zou zeggen “slordige” bomen – in het landschap staan. In Taarlo hebben wij een poosje gekeken naar de ooievaar op zijn, of haar, hoge nest. Af en toe zagen we de kop van het jong. Het was een prachtig gezicht.
- “slordige” bomen
“Rooibos” vraagt:
- Waar was je de afgelopen week het meest dankbaar voor?
- Hoe denk je dat anderen jou zien als ze je voor het eerst ontmoeten?
- Geloof jij in toeval?
- Wat heb je altijd al willen leren?
- Hoe belangrijk is Social Media voor jou?
- Wat is jouw favoriete app?
- Wat is jouw favoriete vervoersmiddel?
- En nog veel meer vragen!
Melk, eieren en brood (kv 85)
Vaak ging ik melk en eieren halen bij een grote, katholieke familie, een keuterboer in de buurt. Hij had maar een stuk of wat koeien, varkens en kippen.
– Het viel op dat de pastoor elk jaar langs ons huis kwam fietsen om die familie met zijn bezoek te ‘vereren’. Mijn ouders vonden dat maar niets. Onverantwoordelijk vonden zij dat, want zij kenden de man en de vrouw goed. Deze familie had het niet breed en er waren al veel kinderen om op te voeden. Mijn vader kon goed met deze boer overweg. Waarschijnlijk haalden zij daarom de melk en eieren daar.
– Hun oudste zoon was nog geen twaalf, maar hij mocht meehelpen in het bedrijf van mijn vader; zo vaak hij maar kon en wilde. De jongen was ‘dol’ op motoren.
– Af en toe kreeg ik ‘biestemelk’ mee naar huis. Mijn moeder vond dat prima, want dan maakte zij er heerlijke pannenkoeken van.
– Er was nog iets bijzonders aan de melk. Het melkvet schepte mijn moeder voorzichtig, meestal zaterdags, van de melk om er room van te maken. Mijn ouders deden de room op de koffie die zij dronken. Ook in de aardbeientijd maakte mijn moeder af en toe room. Dat was een verrassend lekkere combinatie.
– Wat ik ook vaak moest doen? Brood halen bij de bakker. Weer of geen weer. Meestal was dat op de woensdagmiddag en de zaterdagmorgen.



