Er wordt wat ‘afgemopperd’ in Nederland. (‘Er zijn geen woorden voor.’ ‘Niet te filmen!’)


  1. Dat het Nederlandse voetbal zal moeten wachten op een nieuwe lichting ‘sterke’ voetballers is duidelijk, maar dat zal wel weer ‘even’ duren. (‘Er is één troost: ‘we’ hoeven volgend jaar NIET naar het Rusland van Poetin.’)
  2. Er komt (eindelijk) een nieuw kabinet: Rutte III. (Het kabinet zal maar kort bestaan, want er zitten teveel ‘wormgaten’ in. Wie verzint er nu een Btw-verhoging!’)
  3. De vrijmetselarij bestaat dit jaar 300 jaar. (‘Is deze ‘club’ dan toch een geheimzinnige?‘)
  4. Het is/klinkt misschien hard, maar ‘tbs’ moet stevig worden herzien. (Want: ‘Het zal je dochter maar zijn, waar al dagen naar is gezocht. Of je zoon, die alle ellende heeft veroorzaakt.’)
  5. ‘We’ krijgen (weer) een minister van landbouw? (‘Hoe zal dat aflopen?’)