‘Apenpak’ (kv 90)


Er was in die tijd niet veel te doen voor de ouderen en de jeugd. Wel was er een uitgebreid verenigingsleven.
–  Zo ben ik twee keer lid van de muziekvereniging geworden. De eerste keer leerde ik de sopraansaxofoon bespelen, maar toen ik in het ‘tenue’ van die vereniging moest optreden heb ik vrijwel onmiddellijk mijn lidmaatschap opgezegd, omdat ik niet in een ‘apenpak’ wilde lopen.
–  Toch bleef muziek mij ‘kriebelen’. Ik meldde mij voor de tweede keer aan bij die vereniging. Deze keer ‘moest’ ik op de tenorsax spelen en moest net zo lang oefenen tot de ‘begeleider’ vond dat het goed was. Opnieuw zou ik in de muziekkorps mee moeten doen. Maar zodra de muziekgroep in het openbaar ging optreden, moest dat belachelijke pak ook aan. Dat wilde ik niet. Dus toen het zover was, heb ik mijn lidmaatschap maar weer opgezegd.
–  Waar ik later woonde en daar ook ‘apenpakken’ te zien waren, kreeg ik gelukkig niet de behoefte ‘mijn partijtje mee te gaan blazen’.

0

Woest was ik …


Op de directie van de plaatselijke VVV.

In het dorp waar we woonden hadden mijn vrouw en ik op het nieuwe bouwterrein een huis laten bouwen. Toen het klaar was, kreeg de woning de naam hounderhok (kippenhok) van de dorpsbewoners. Dat woord hoorden we toevallig een keer. Best wel aardig bedacht. 🙂
De plek was het mooiste stukje grond op het bouwterrein. Het uitzicht was er prachtig mooi en heel bijzonder.

In het voorjaar van het jaar daarop werd op dat bouwterrein onder toezicht een grote paasbult gemaakt. Alle snoeiwerk uit de tuinen in het dorp kwam er terecht. We hoopten dat de wind die dag uit de goede richting zou komen.

Op de bewuste dag kwam tegen 18.00 uur de plaatselijke muziekkorps aangelopen, en de schoolkinderen met fakkels er achter. Veel toeschouwers, de politie en de brandweer waren er al. De voorzitter van de VVV gaf de kinderen het sein dat de fakkels in de paasbult konden worden gegooid.
De wind stond die dag ‘verkeerd’. Eerst kwam de rook in de richting van het huis en later een vonkenregen! De vonken kwamen op het dak, in de afzuigkap in de keuken en in de dakgoten terecht. Ik klom op de ladder en meende schroeiplekken te zien. Bij mij ‘sloegen toen de stoppen door’. Ik ging direct naar de VVV-man en vertelde hem wat ik had gezien en wat ik ervan vond. Hij vroeg iemand van de brandweer om alles goed in de gaten te houden. Dat was het dan!

Alles liep gelukkig goed af, maar we waren blij toen het voorbij was.
Voor mijn gevoel heb ik de VVV-man later nooit meer als voorheen kunnen benaderen.

 

0