‘Is dat uw gebit?’


Eergisteren zat ik in de ruimte van de dagopname van het ziekenhuis. Op dat moment zaten nog twee ’klanten’ in die ruimte. De één moest nog even wachten, wist ik, maar de ander was net terug van een operatie en at een boterhammetje. Zo te zien ‘met smaak’.
– De wachtende vrouw vroeg aan de etende man – ik had al wel gedacht dat zij zich niet stil zou kunnen houden – of hij zijn gebit wel in had gedaan. De man hoorde het blijkbaar niet, want hij pakte zijn gehoorapparaatje van het tafeltje dat voor hem stond. Hij deed het hevig piepende apparaatje in zijn oor en zei dat hij haar vraag niet had gehoord. Zij herhaalde haar vraag, waarop hij kort zei ’Ja.
– Ik zag haar verwonderd en ongelovig kijken, en ook weer naar het gebit in het plastic bakje op het tafeltje. Weer stelde zij de man de vraag, waarop hij zei dat hij haar echt niet begreep. ‘Dan zal dat gebit wel van iemand anders zijn’, zei zij en keek weer in het tijdschrift.

 

De 35ste mei


Zodra het weer 31 mei is, moet ik ook denken aan Erich Kästner.

 En wel aan zijn kinderboek ‘De 35ste mei’.

Dat boekje kreeg ik eens als verjaardagscadeau van mijn vader en moeder. Jammer genoeg heb ik dat boekje niet meer. Een geweldig mooi verhaal.

Het was ook een humoristisch verhaal, dat mij enorm heeft aangesproken. Een paard op ‘rolschaatsen’.
Verzin het maar!