Over MARTIEN

Als iets mij bezighoudt, dan probeer ik dat met eigen woorden, en soms (ook) met een foto, duidelijk te maken. De moraalridder uithangen? Echt niet, maar ik neem ook geen blad voor de mond. Wil je "volger" of "volgster" van mij worden? Prima natuurlijk, maar als je commentaar wilt geven, dan wel in het Nederlands graag. :-)

Een hoepel (kv 101)


Nee, het heeft niks, maar dan ook helemaal niks te maken met een hoelahoep. Wel met het maken van een ijzeren hoepel, een wielband.
–  Af en toe moest mijn vader een ijzeren band om een houten wagenwiel maken. Ik heb dat een paar keer zien gebeuren. Bij de eerste keer was hij alleen bezig, maar bij de tweede keer hielp zijn medewerker hem bij dat zware werk, want alleen ging “een beetje moeilijk”.
–  Eerst maakte hij het smidsvuur aan en bevestigde hij een paar grote ijzeren klemmen aan het smidsvuur. Vervolgens zette hij een paar emmers met water buiten bij de grote molensteen. [Deze steen had hij speciaal aangeschaft, omdat de as van het wagenwiel in het gat in de molensteen paste, maar ook omdat hij gemakkelijker de gloeiendhete, ijzeren wielband om het wagenwiel kon ‘leggen’.]
– Uit het rek met de vele soorten ijzerstrips en buizen pakte hij de gewenste strip. In de werkplaats zaagde hij er een stuk af en maakte dat gloeiend heet in het smidsvuur. Hoe het verder ging, weet ik niet precies meer. Wel weet ik dat hij de ronde, hete wielband met behulp van een paar tangen naar de molensteen bracht, op het houten wiel legde en de band er daarna met een grote hamer omheen sloeg. Daarna goot hij het water uit de emmer over de wielband om hem af te koelen, wat een sissend geluid maakte. Door het afkoelen kwam de wielband strak om het wagenwiel te zitten. Volgens mij was het werk dan gedaan.

0

Busconductrice (kv 100)


Als we een dagje naar Zwolle – meestal voor de tandarts – gingen, dan reisden mijn moeder, broertje en ik met de Sallandbus. We hoefden niet ver te lopen, want de bushalte stond bijna voor ons huis.
–  In de trein was een conducteur, maar in de bus een conductrice. Toch ‘verdween’ de busconductrice op een bepaald moment. ‘Te duur geworden!?’ In de trein kwam later ook de conductrice. Soms kwamen zij, de conducteur en de conductrice, tegelijk om de kaartjes te controleren, te knippen.
–  Maar er was meer. Bij haar moest je het buskaartje kopen. Zij kwam ook controleren. Later deed de buschauffeur dat werk erbij. Er zijn dus veel leuke en bijzondere dingen verdwenen. Zo hoorde ik dat er af en toe een romance was ontstaan tussen een buschauffeur en een busconductrice. Je zag dan opeens een ander gezicht.
–  Een romance!. Een liefdesband op de werkvloer.

0

Ruziën (kv 99)


Slechts af en toe en vrijwel altijd met dezelfde buurkinderen. Waarom? Misschien omdat we op een andere school zaten? Geen idee eigenlijk. Maar gelukkig gebeurde het zelden. Ik heb altijd een enorme hekel aan ruzie gehad. Ruziënde en ruziezoekende mensen heb ik nooit begrepen.

Ook deze ruzie begon opeens. Zomaar. Wij, mijn broer en ik, stonden aan de ene kant en de twee broertjes met hun twee zusjes aan de andere kant van de ‘Hoevenweg’. De vier stonden op het zanderig gedeelte van het schoolplein en wij in ‘onze tuin’. We zagen op dat moment geen enkel gevaar.
–  Ik kon al ver gooien. Op de grond zag ik een ‘zeilsteentje’. Zo’n steentje, waarmee je lang over het water kon ‘zeilen’. Ik raapte het steentje op en zeilde hem weg. Maar even later: een kreet. M.a.w.: raak. Het viertal rende weg. We hadden ‘gewonnen’. Mijn broer en ik liepen naar binnen.
–  De volgende dag zag ik dat één van de jongens een grote pleister boven zijn rechteroog had. Toen ik hem vroeg waarom dat was, zei hij dat hij een steentje tegen het hoofd had gekregen. Ik schrok behoorlijk. Het had nog veel slechter kunnen aflopen.

[Het gooien met stenen naar iemand heb ik daarna nooit meer gedaan!]

0