De goudvissen zijn weer geil


Het voorjaar is de tijd. Als de vrouwtjes goudvis zwanger zijn, zwemmen ze voortdurend heen en weer. Het paringsritueel – ‘incest’ is denkbaar – kun je gemakkelijk herkennen en kan enkele uren tot zelfs enkele dagen duren. De mannetjes zwemmen ‘als gekken’ achter de vrouwtjes aan. Als de goudvissen paaien, dan duwt en stoot het mannetje tegen het vrouwtje, net zolang totdat zij eieren gaat leggen. Dit heet ‘kuitschieten’. Het paringsritueel kan enkele uren, zelfs enkele dagen duren. Op het moment dat de eitjes worden afgezet zal het mannetje ze bevruchten. De goudviseitjes – ‘snoepgoed’ voor andere vissen – blijven in de waterplanten vastzitten. Jonge goudvisjes (kunnen) worden gegeten door de zonnebaars.

Bij Gramsbergen (kv 86)


Op een dag zou ik met mijn vriendin op bezoek gaan naar ‘het Hoge Noorden’; naar haar familie. Ik ‘ging op zicht’ mee. Haar ouders waren er al een paar dagen. Ze waren met hun Daffodil 31 gegaan. Van mijn vader mocht ik in zijn 2CV rijden. Een belevenis.
–  Als ik bij haar grootouders was, moest ik van haar volslagen dove grootvader altijd even mee naar zijn ‘trots’, zijn tuin. Hij noemde mij steeds ‘Maarten’.
–  Omdat hij de uitspraak van nieuwe woorden niet kende, sprak hij het woord ‘yoghurt’ uit als ‘jogurt’ i.p.v. ‘joggurt’.
–  Het was tijd om naar huis te gaan. We stapten in de auto en werden uitgezwaaid. Haar ouders zouden later gaan. In de buurt van Gramsbergen hield de motor van de auto er plotseling mee op. Ik kon nog een P-plaats bereiken. Omdat de auto geen benzinemeter had, moest ik op de lange, platte, bruingekleurde peilstok in de benzinetank kijken om te zien dat de tank helemaal leeg was! Ik wist in de buurt een benzinestation te staan, maar om daar te komen moest ik een behoorlijk eind lopen.
–  Ik liep langs de kant van de Hessenweg naar het benzinestation toen er een open sportwagen, een Renault ‘Floride’, stopte met een mooie dame achter het stuur. Het leek wel op een film. Zij vroeg mij wat er was en ik moest instappen van haar. Zij zette mij af bij het benzinestation.
–  Op het benzinestation kreeg ik een benzinetankje mee, waarin ik vijf liter benzine tankte. Dat was meer dan genoeg om thuis te komen. Toen ik terug wilde lopen, zag ik opeens het Dafje van de ouders van mijn vriendin. De inhoud van het tankje deed ik in de benzinetank, even starten, de motor van de auto liep gelukkig weer als een naaimachine.
–  Achter elkaar reden we verder. Nog even langs het benzinestation om het benzinetankje af te geven en te tanken. Daarna: naar huis.